Fietsen van Girona naar de kust: de ultieme wielerroute voor adembenemende uitzichten
Ontdek de ultieme wielerroute van Girona naar de kust: spectaculaire klimmen, adembenemende uitzichten en perfecte wegen voor elke wielrenner.

De ultieme wielerdroom begint vaak met een simpele vraag: waar vind ik een route die zowel mijn benen als mijn ogen uitdaagt? Stop met zoeken. De tocht van Girona naar de Middellandse Zee is precies dat: een perfecte mix van uitdagende beklimmingen, glooiende wijngaarden en uiteindelijk een spectaculaire onthulling van de azuurblauwe kust. Deze gids neemt je mee langs de mooiste wegen, de onmisbare tussenstops en de technische details die het verschil maken. Zo geniet jij straks zorgeloos en met volle teugen van dit Mediterrane meesterwerk op twee wielen. Bereid je voor op een rit die je nog lang zal bijblijven.
Voorbereiding en vertrek in Girona
Startpunt en eerste kilometers
De officiële start van deze wielerroute ligt op de Plaça de la Independència of voor de imposante Girona Cathedral. Beide locaties zijn centraal gelegen en eenvoudig te bereiken, of je nu in het historische centrum verblijft of met de auto vanaf de AP-7 komt. Vanaf hier fiets je eerst door de stad richting het oosten, waarbij je de rivier de Ter oversteekt via een van de bruggen, zoals de Pont de Pedra of de modernere Pont de Fontajau. Houd in de ochtendspits rekening met wat stadsverkeer, vooral op de hoofdassen richting de wijk Sant Ponç. Wees gerust: fietsers zijn hier volkomen gebruikelijk en Gironinse bestuurders zijn uitstekend gewend aan wielrenners, die dagelijks in grote groepen door de stad trekken. Zodra je de bebouwde kom verlaat, wordt het verkeer snel rustiger en openen de eerste glooiende wegen zich voor je.
Essentiële check vóór vertrek
Voordat je aan de beklimmingen begint, is een grondige check van je materiaal onmisbaar. Controleer je banden; een minimale breedte van 25 mm wordt sterk aangeraden, want hoewel het asfalt overwegend goed is, kom je op de secundaire wegen regelmatig oneffenheden en los grind tegen. Neem voldoende water mee – minimaal twee bidons, want de eerste 15 kilometer zijn verrassend rustig qua voorzieningen. Er zijn weliswaar dorpjes onderweg, maar een café of fontein is niet altijd geopend of aanwezig. Een lichte snack, zoals een banaan of een energiereep, is voldoende om de eerste klim naar het binnenland te overbruggen. Laad daarnaast je telefoon of navigatietoestel volledig op; de signaalontvangst is in de dalen soms matig en je wilt niet zonder route zitten. Vergeet vooral een basisreparatieset niet: binnenbanden, bandenlichters en een kleine pomp. De wegen zijn uitstekend, maar fietswinkels zijn schaars buiten de stad, en een lekke band op een afgelegen stuk betekent anders een lange wandeling. Plan je vertrek idealiter vóór 9 uur ’s ochtends, zodat je profiteert van de koelere temperaturen en het lichtste verkeer.
De noordelijke variant via Sant Julià de Ramis en Cervià de Ter
Routebeschrijving en wegprofiel
De noordelijke route verlaat Girona via de GI-664, een weg die je al snel het stadsgewoel doet vergeten. Vanaf de voorsteden slingert het asfalt door een glooiend landschap van kurkeiken, oude masies en uitgestrekte graanvelden. De eerste kilometers richting Sant Julià de Ramis zijn relatief vriendelijk, met een licht stijgende lijn die je benen opwarmt zonder ze te breken. Na het dorp, hoog op een heuvel, daal je kort en steil af naar de vlakte van de Ter. Je volgt de rivier stroomafwaarts over smalle, rustige wegen die perfect zijn aangelegd voor de fietser. Net na Cervià de Ter komt het hoogtepunt qua inspanning: een kort maar pittig klimmetje van ongeveer 1,2 kilometer met stootjes tot 8%. Geen col van formaat, maar wel het soort helling dat je waakzaam houdt – en waarna je beloond wordt met een panoramisch uitzicht over de wijde rivierdelta. Na de afdaling rol je het dal van de Daró binnen, waar het profiel aanzienlijk vlakker wordt. Je rijdt over licht glooiende wegen, vaak tussen populieren en rietkragen, en het laatste deel naar de kust is bijna vlak. Je eindigt bij de badplaatsen van de Costa Brava, waar de zee plotseling opduikt achter de duinen.
Karakter en verkeersintensiteit
Deze noordelijke variant is duidelijk stiller dan de zuidelijke route. Je deelt de weg vooral met lokale bewoners, af en toe een tractor en sporadisch een andere wielrenner. Het karakter is authentiek en landelijk: je fietst door kleine gehuchten waar het leven traag lijkt te stromen, en de vergezichten over de vlakte van de Baix Empordà zijn ronduit spectaculair. Vooral in de late namiddag, wanneer het licht laag over de vlakte valt, kleuren de velden goudgeel en zie je de Pyreneeën aan de horizon. Houd er wel rekening mee dat sommige weggetjes smal zijn, met weinig tot geen vluchtstrook. Het verkeer is beperkt, maar landbouwvoertuigen kunnen in de vroege ochtend voor verrassingen zorgen – vaak ruik je ze eerder dan dat je ze ziet. De totale hoogtewinst over de hele route ligt rond de 400 meter, maar die winst is slim verdeeld over korte, explosieve stukken. Geen lange cols dus; het is eerder een kwestie van schakelen en ritme wisselen. Voor wie houdt van rust, ruimte en een vleugje ruig landschap, is deze noordelijke variant de ideale keuze om vanuit Girona de kust te bereiken zonder één moment in de file te staan.
De zuidelijke variant via Celrà, Bordils en La Bisbal d’Empordà
Routebeschrijving en wegprofiel
Deze zuidelijke lus begint rustig: vanuit Girona volg je eerst de GI-644 richting Celrà en Bordils. Het eerste deel is vlak en warmt je benen goed op, terwijl je langs velden en typische Catalaanse masia’s rijdt. Na Bordils sla je af op de GI-651, waarmee je het hart van het natuurpark Gavarres binnenrijdt. Hier verandert het karakter snel: het landschap wordt glooiend, met langere stukken vals plat en enkele beklimmingen die nooit extreem steil worden. De wegen zijn goed geasfalteerd en kronkelen door kurkeikenbossen, met af en toe een open zicht op de ruige heuvels. Na zo’n 25 kilometer bereik je La Bisbal d’Empordà, bekend om zijn keramiek. Vanaf dit punt wordt het profiel opvallend vlakker: je rijdt door een breed, open landbouwgebied met velden vol zonnebloemen en maïs, recht op de kust af. De laatste kilometers richting bijvoorbeeld Palamós of Sant Feliu de Guíxols zijn licht golvend, ideaal om nog even door te duwen. In totaal klim je zo’n 500 tot 600 hoogtemeters, verdeeld over langere hellingen van 3 tot 6 procent – perfect te doseren.
Karakter en verkeersintensiteit
Verwacht op deze route iets meer verkeer dan op de noordelijke variant, vooral rond La Bisbal en op de toegangswegen naar de kust. Dat wordt echter ruimschoots gecompenseerd door de vele bevoorradingspunten: in Bordils, La Bisbal en de kustplaatsen vind je genoeg cafés, supermarkten en fonteinen. Het landschap is hier opvallend afwisselend: donkere bossen in de Gavarres, wijngaarden bij Corçà, kleine witte dorpjes als Vulpellac en open vlaktes die plots uitzicht geven op de Middellandse Zee. De hoogtewinst is iets groter dan bij de westelijke route, maar omdat de stijgingen langer en minder steil zijn, voelt het aangenamer aan voor wie een sportief ritje wil zonder te veel pieken. Dit is dan ook de aanbevolen keuze als je een iets uitdagender parcours zoekt, maar toch vlot wilt doortrappen. De afdaling naar de kust is belonend: breed, vloeiend en met weidse vergezichten over de baai. Houd wel rekening met wat meer zijwind in het open gedeelte na La Bisbal. Kortom: een route die je beenspieren traint, maar vooral je ogen verwent.
De laatste 10 kilometer naar de kust
Afdaling en aankomst
Welke variant je ook kiest, het slotstuk is altijd een beloning op zich. Na de glooiende Gavarres of het vlakkere land rond het Terdalta-massief zet de weg gestaag in. De afdaling naar zeeniveau is geleidelijk, niet in één vloeiende beweging naar beneden, maar met tijd om het landschap te zien veranderen. De lucht wordt vochtiger, de geur van pijnbomen ruilt in voor een vleugje zout, en tussen de heuvels gloort al snel de Middellandse Zee. De laatste vijf tot tien kilometer zijn opvallend vlak, soms licht golvend, maar altijd met die constante beloning: het diepe blauw aan de horizon. Je rijdt langs open velden en lage begroeiing, met de wind meestal zijwaarts of in de rug. Tijd om op adem te komen, het tempo iets op te voeren en de spanning van de afdaling te verruilen voor de rust van de aankomst. Je eindigt in een van twee kustplaatsen, afhankelijk van de noordelijke of zuidelijke lus.
Keuze van eindpunt: L’Estartit of Palamós
Beide eindpunten hebben een eigen karakter en zijn perfect voor een welverdiende pauze. Kies je voor L’Estartit in het noorden, dan rol je een levendig maar ontspannen badplaats binnen. Het lange zandstrand is hier de blikvanger, ideaal om na de rit je schoenen uit te trekken en je voeten te koelen. De jachthaven biedt terrassen genoeg waar je met uitzicht op de boten een verfrissing of late lunch neemt. Een rustige afsluiting, zonder poespas, perfect om de dag te laten bezinken.
Kies je voor Palamós in het zuiden, dan krijg je een groter, authentieker vissersstadje. De levendige haven is het middelpunt, waar de vissersboten dagelijks binnenkomen. Langs het water loop je over een uitgebreide boulevard met meer eetgelegenheden en winkels dan in L’Estartit. Het is bruisender, maar daardoor ook beter uitgerust voor een uitgebreide stop. Beide plaatsen zijn prima binnen een dag te bereiken; je keuze hangt vooral af van je terugreisoptie. Denk vooraf na of je met de trein terug wilt (Palamós heeft een beter busnetwerk richting Girona) of dat je auto bij je startpunt staat. Welk dorp je ook kiest, de laatste kilometers vormen een onvergetelijke finale van een route die je nog lang zal bijblijven.
Terugkeeropties: direct of als lus
Na een dag vol klimmen en kustzicht staat elke wielrenner voor dezelfde vraag: hoe kom je terug naar Girona? Het antwoord bepaalt niet alleen de lengte van je rit, maar ook de sfeer van de laatste uren. Twee volwaardige opties liggen voor, elk met een eigen karakter en uitdaging.
Directe terugkeer via de C-66
De snelste en meest voor de hand liggende terugweg volgt de C-66, een doorgaande weg die Girona rechtstreeks verbindt met de kustplaatsen. Nagenoeg vlak en met een brede vluchtstrook kun je hier stevig doortrappen zonder voortdurend op verkeer te anticiperen. Mooi is anders – industriegebieden, rotondes en weinig groen – maar wel uiterst efficiënt. Voor wie na uren in het zadel vermoeid is en vooral snel thuis wil zijn, is dit de juiste keuze. Houd rekening met een stuk meer autoverkeer, vooral in de late middag wanneer strandgasten richting Girona terugrijden. De sfeer is functioneel, niet idyllisch. Qua afstand komt deze terugweg overeen met de heenweg: reken op zo’n 40 tot 50 kilometer, afhankelijk van waar je precies de kust hebt bereikt. Het is een eerlijke, maar weinig inspirerende manier om de rit af te sluiten.
Scenic loop door de Gavarres
Wie nog energie over heeft en de dag wil verlengen met een laatste visueel hoogtepunt, kiest voor de lus door de Gavarres. Deze heuvelrug ligt tussen de kust en Girona en biedt een volledig andere ervaring. In plaats van de drukte van de C-66 rijd je hier over stille, vaak smalle wegen die door kurkeikenbossen en kleine dorpjes slingeren. De beklimmingen zijn niet extreem, maar wel constant en glooiend, waardoor je een vloeiend ritme kunt aanhouden. Op halve hoogte vergezelt het uitzicht over de Middellandse Zee je regelmatig – iets wat je op de directe route volledig mist. De prijs: de lus voegt 15 tot 20 kilometer en 300 tot 400 hoogtemeters toe aan je totaal. Dat klinkt misschien bescheiden, maar na een lange dag zijn die extra meters voelbaar in de benen. Planning is bovendien essentieel: omdat de wegen slecht verlicht zijn en de bebossing dicht, is deze lus alleen verstandig bij voldoende daglicht. Vertrek je vroeg of had je een langzame heenrit, weeg dan goed af of je de lus wilt doen. In de schemer wordt het namelijk snel fris en donker onder het bladerdek. Voor wie een goede conditie heeft en de tijd neemt, is de lus echter de onbetwiste winnaar: je eindigt de rit met een gevoel van volledigheid, alsof je de regio echt hebt gezien in plaats van alleen doorkruist.
Hoogteprofiel en moeilijkheidsgraad
Overzicht van de totale klim
Wie vanuit Girona naar de Costa Brava fietst, krijgt een verrassend gevarieerd hoogteprofiel voorgeschoteld. Verwacht geen vlakke kustrit: de totale hoogtewinst ligt, afhankelijk van de variant, tussen de 300 en 600 meter. Dat verschil is aanzienlijk en bepaalt grotendeels het karakter van de tocht. De noordelijke route, via Bàscara en Viladamat richting L’Escala, is veruit het vlakst. Hier rol je over glooiend terrein met lange, geleidelijke stukken die nauwelijks echt klimwerk vereisen. De zuidelijke route richting Sant Feliu de Guíxols of Tossa de Mar, door de heuvels van Les Gavarres, is duidelijk heuvelachtiger en vergt meer van je benen. Gemeenschappelijk voor beide varianten is dat de beklimmingen nooit langer zijn dan drie tot vier kilometer. Geen lange cols die een beroep doen op je uithoudingsvermogen, maar korte, pittige hellinkjes die elkaar afwisselen met snelle afdalingen en vlakke tussenstukken. Met een gemiddeld stijgingspercentage tussen de 4% en 6% is de rit ideaal voor recreatieve wielrenners met een gemiddelde conditie. Specifieke hoogtemeters trainen is niet nodig, maar een beetje basisconditie houdt het plezier erin.
Geschiktheid voor materiaal en niveau
Speciale uitrusting is overbodig. Een standaard racefiets met 25mm banden is ruim voldoende voor alle varianten. Het asfalt is overwegend goed, met hier en daar een grover stuk wegdek. In dorpjes als Púbol of Monells liggen korte kasseienstroken, maar die vormen zelfs met een lichtgewicht racefiets geen enkel probleem. Het niveau is flexibel in te delen. Beginners die nog niet veel kilometers maken, kunnen zich prima wagen aan de noordelijke variant: de rustige, vlakke wegen en het beperkte hoogteverschil maken dit een toegankelijke kennismaking met de regio. Ervaren rijders die meer uitdaging zoeken, genieten juist van de zuidelijke route, waar kortere, steilere klimmetjes en technischere afdalingen net dat beetje extra spanning en voldoening bieden. Ongeacht je keuze is het verstandig om voldoende pauzes in te plannen, vooral in de zomer. De hitte in dit deel van Catalonië kan intens zijn; de combinatie van inspanning en hoge temperaturen vraagt om regelmatige stops voor water en schaduw. Neem extra drinkflessen mee en vertrek vroeg in de ochtend om de heetste uren te vermijden.
Praktische logistiek en navigatie
Wegkeuze en bewegwijzering
Je routekeuze bepaalt grotendeels hoe je de tocht ervaart. De meest directe verbindingen, de C-66 en de GI-664, zijn uitstekend bewegwijzerd en verkeren in goede staat. Ze brengen je vlot naar de kust, maar dat gemak heeft een prijs: dit zijn de drukste wegen van de regio, met merkbaar meer autoverkeer, vooral in het weekend en tijdens de zomermaanden. Wie rust en een authentieker gevoel zoekt, kiest beter voor de lokale wegen GI-644 en GI-651. Die slingeren door glooiende heuvels en kleine dorpjes, weg van het lawaai. Het nadeel? De bewegwijzering is er spaarzaam en ontbreekt op sommige kruispunten zelfs volledig. Vertrouw dus niet op je geheugen of mobiele ontvangst; die is overwegend goed, maar valt in dalen en dichte bossen geregeld weg. Investeer daarom in een fietscomputer met een vooraf geladen GPX-bestand. Dat is verreweg de betrouwbaarste manier om te navigeren. Dergelijke bestanden vind je eenvoudig op platforms als Komoot of Ride with GPS. Een gedownloade kaart op je telefoon, bijvoorbeeld via OsmAnd of Google Maps offline, kan dienen als back-up, maar een fietscomputer is leesbaarder en gaat langer mee op een enkele acculading.
Voorzieningen en bevoorrading
Je hoeft gelukkig geen uren zonder water of voedsel te zitten. De route voert langs een reeks charmante dorpjes die perfect zijn voor een korte stop. In de eerste helft passeer je onder meer Celrà, Bordils, Cervià de Ter en het grotere La Bisbal d’Empordà. Hier vind je vrijwel overal een publieke fontein, supermarkt of lokaal café om je bidons te vullen en een broodje te eten. De sfeer is gemoedelijk en de prijzen redelijk; een eenvoudige lunch met drank kost gemiddeld tussen de €8 en €15 per persoon. Het is verleidelijk om vroeg in de rit al uitgebreid te pauzeren, maar wees strategisch. Zodra je de laatste 15 kilometer richting de kust inzet, wordt het landschap opener en de bebouwing schaarser. De dorpjes die je daar nog passeert, zijn klein en hebben vaak alleen een seizoensgebonden barretje. Vul daarom je flessen ruim voor dit laatste deel en neem voldoende energierepen of een extra broodje mee. Zo geniet je ongestoord van de laatste klimmetjes en de uiteindelijke beloning: de glimp van de Middellandse Zee aan de horizon.
Veiligheid en weersomstandigheden
Verkeersveiligheid
Deze wielerroute van Girona naar de kust staat bekend om zijn adembenemende uitzichten, maar een zorgeloze rit begint met verkeersbewustzijn. Het grootste deel voert over rustige, secundaire wegen waar je vaak minutenlang alleen bent met het landschap. Toch is er één uitzondering die je niet mag onderschatten: de C-66. Vooral in het weekend kan dit traject behoorlijk druk zijn, met auto’s die de kustplaatsen bereiken. Plan je vertrek daarom buiten de piekuren – vroeg in de ochtend of laat in de middag – en zorg dat je achterlicht altijd goed zichtbaar is, ook overdag. Een knipperend rood licht maakt je voor bestuurders al van verre herkenbaar.
Op de smallere wegen, die vaak door bossen en heuvels slingeren, vraagt de route om extra oplettendheid. Landbouwvoertuigen kunnen onverwacht opduiken, vooral in de vroege ochtend of tijdens de oogstperiode. Houd daarnaast rekening met losliggend grind in bochten; dit ligt vaak net op de ideale racelijn. Rem daarom ruim voor de bocht en stuur vloeiend door, in plaats van te remmen terwijl je schuin ligt. Bij het afdalen van de Gavarres-heuvels is het verleidelijk om vol gas te gaan, maar houd altijd voldoende afstand tot de auto voor je. Een onverwachte tegenligger in een haarspeldbocht is zo gebeurd, en een extra seconde reactietijd kan het verschil maken tussen een mooie herinnering en een vervelend incident.
Weer en seizoensgebonden tips
Het klimaat in Noord-Spanje is je bondgenoot, maar alleen als je de juiste periode kiest. De ideale maanden voor deze tocht zijn april tot en met juni en september tot en met oktober. Dan zijn de temperaturen mild – vaak tussen de 18 en 24 graden – en is de lucht helder genoeg voor panoramische uitzichten over de Middellandse Zee. In de zomer kan het kwik gemakkelijk boven de 30 graden uitstijgen, zeker richting de kust waar de luchtvochtigheid hoger is. Start dan voor zeven uur ’s ochtends om de hitte voor te zijn, en stop regelmatig in de schaduw van de kurkeiken. Een tube zonnebrand in je jersey is geen overbodige luxe; de Spaanse zon is fel, zelfs als je denkt dat een korte rit het niet nodig maakt.
De wintermaanden zijn zeker begaanbaar, maar vragen om een andere aanpak. Na regenval kunnen natte bladeren en modder op de wegen liggen, vooral in de schaduwrijke delen van de Gavarres. Deze plekken blijven soms dagenlang vochtig en vormen een verraderlijk glad oppervlak. Kies bij twijfel voor bredere banden met wat meer profiel en verlaag je snelheid in de bochten. Controleer voor vertrek ook de weersverwachting; een plotselinge bui kan de temperatuur in de heuvels met wel acht graden doen dalen. Een licht regenjack dat in je achterzak past, is dan ook in de winter een slimme investering. Zo blijf je niet alleen veilig, maar ook comfortabel – en kun je met volle aandacht genieten van de spectaculaire route die voor je ligt.
Conclusie
De wielerroute van Girona naar de kust is meer dan een fysieke uitdaging; het is een reis door Catalonië’s meest spectaculaire landschappen, van middeleeuwse stadjes tot ruige kliffen en azuurblauwe baaien. Kies je voor de klassieke klim naar Els Àngels of de vlakkere kustweg via Palamós, elke kilometer beloont je met een uitzicht dat je niet snel vergeet. Een goede voorbereiding is de sleutel: neem voldoende water mee, check je remmen voor de afdalingen en vertrek vroeg om de middaghitte te vermijden. Nu je weet wat je te wachten staat, is je volgende stap simpel: plan je vertrekpunt, boek een vroeg ontbijt in Girona en trap die eerste pedaalom precies bij zonsopgang. De kust wacht op je – en het asfalt is al warm.
Veelgestelde vragen
Hoe lang is de wielerroute van Girona naar de kust?
De route is ongeveer 45 tot 55 kilometer, afhankelijk van de exacte eindbestemming aan de kust (bijvoorbeeld L’Estartit of Palamós). Je kunt rekenen op 2,5 tot 3,5 uur fietsen, afhankelijk van je tempo en het aantal stops.
Is de route geschikt voor beginners?
De route is redelijk vlak tot licht glooiend, maar er zitten een paar korte klimmetjes in, vooral rond het natuurpark van Montgrí. Beginners met een redelijke basisconditie kunnen de route aan, maar het is verstandig om een hybride of racefiets met een goede versnelling te gebruiken.
Welke bewegwijzering volg ik op de route?
De route is niet volledig bewegwijzerd als één geheel, maar je volgt grotendeels lokale wegen en fietspaden. Gebruik een GPS-navigatie of een fietskaart van de regio Gironès en Baix Empordà; de belangrijkste kruispunten zijn vaak voorzien van fietsroute-borden richting de kust.
Zijn er veel hoogtemeters op de route?
De totale hoogtemeters liggen tussen de 300 en 500 meter, afhankelijk van de gekozen variant. De grootste klim is de beklimming naar het kasteel van Montgrí (ongeveer 4 km aan 5-6%), maar je kunt deze ook omzeilen via de vlakke weg langs de velden.
Wat is de beste tijd van het jaar om deze route te fietsen?
De beste periode is van april tot juni en van september tot oktober, wanneer de temperaturen aangenaam zijn (15-25°C) en er minder toeristen op de weg zijn. In de zomer kan het erg heet zijn, vooral in de middag, en in de winter kan het winderig en koel zijn aan de kust.
Zijn er onderweg plekken om water en eten te kopen?
Ja, je passeert kleine dorpen zoals Sant Julià de Ramis, Bordils en Torroella de Montgrí, waar je bij lokale supermarkten of cafés water en snacks kunt kopen. Neem echter altijd een bidon en een energiereep mee, want sommige stukken tussen dorpen zijn afgelegen.
Is de route veilig voor fietsers qua verkeer?
Het grootste deel van de route loopt over rustige landweggetjes en secundaire wegen met weinig autoverkeer. De laatste kilometers richting de kust kunnen drukker zijn, vooral in de zomer; blijf dan op het fietspad of de berm en wees extra alert bij rotondes.
Kan ik de route combineren met een bezoek aan het strand?
Zeker, de route eindigt bij een van de stranden, zoals Platja de Pals of Platja de l’Estartit. Je kunt je fiets parkeren bij een strandtent, een duik nemen en daarna terugfietsen of een trein of bus terug nemen naar Girona.
Zijn er laadpunten voor elektrische fietsen onderweg?
Er zijn geen specifieke oplaadpunten voor fietsen langs de route, maar in de dorpen (bijvoorbeeld in Torroella de Montgrí) zijn er openbare oplaadpunten voor e-bikes bij sommige cafés of gemeentehuizen. Plan je batterij dus goed, want het is een lange rit; een accu met 80-100 km bereik is aan te raden.
Wat moet ik doen als ik onderweg een lekke band krijg?
Neem altijd een reserveband, bandenlichters en een fietspomp mee, want er zijn geen fietsenwinkels direct langs de route. In grotere dorpen zoals Bordils of Torroella de Montgrí zijn wel fietsenmakers, maar die zijn niet altijd open; zelf repareren is dus de snelste oplossing.